Inleiding

Herinner je je nog de verhalen van deze week?
Jezus was naar Jeruzalem gekomen om zijn boodschap van liefde aan de mensen te vertellen. Iedereen moet goed zijn voor de zieken en de arme mensen. Jezus leerde dat wij geen ruzie mogen maken, elkaar geen pijn doen, dat wij altijd lief moeten zijn voor onze vriendjes.
Maar de boze, slechte mensen vonden dat niet fijn en zij doodden Jezus door Hem aan het kruis te hangen. Toen hij dood was legden ze Jezus in een graf.
De mensen die wel geloofden in het goede verhaal van Jezus waren heel bedroefd. Jezus was gestorven en als je dood bent is alles voorbij.
Ja, maar met Jezus was dat niet zo. Voor Jezus was de dood niet het einde. Dat noemt men Pasen.
Dat lezen we in de bijbel.

Uit het Evangelie

Marcus 16,1-7, kindvriendelijk herverteld

Ze hadden Jezus maar vlug begraven,
want de volgende dag mochten de Joden niet werken.
Maar de dag daarna kochten Maria Magdalena, Maria en Salome olie met een fijne geur.
Daarmee wilden ze het lichaam van Jezus gaan verzorgen.
Op zondag gingen ze naar het graf.
Het was heel vroeg in de ochtend, de zon kwam net op.
Onderweg zeiden ze tegen elkaar:
“ Wie zal voor ons de steen wegnemen van het graf?”
Maar toen ze bij het graf kwamen, zagen ze dat de steen al weg was.
De vrouwen gingen naar het graf.
Daar zagen ze een jonge man zitten in witte kleren.
De vrouwen schrokken vreselijk.
Maar de jonge man zei:
“ Jullie hoeven niet bang te zijn.
Ik weet dat jullie op zoek zijn naar Jezus uit Nazareth.
Hij is gestorven aan het kruis. Maar Hij is opgestaan uit de dood.
Hij is niet hier. Kijk, hier heeft Hij gelegen… ”
De jonge man zei verder:
“ Jullie moeten naar Petrus en de andere leerlingen gaan.
En jullie moeten tegen hen zeggen dat Jezus naar Galilea gaat.
En dat ze Hem daar zullen zien.
Precies zoals Jezus ook al gezegd heeft. ”

Duiding

Dat was me wat, met Jezus die week in Jeruzalem.
Zondag wordt Hij feestelijk ontvangen. De mensen juichen en wuiven met palmen, leggen hun mantels op de weg zodat Jezus niet vuil zou worden.
Op donderdag, Witte Donderdag, eet Jezus een feestmaal met zijn apostelen. Eerst wast Hij de voeten van zijn vrienden. Om ons te tonen dat wij goed moeten doen aan alle mensen. Dan breekt Hij het brood en verdeelt het. Hij leert ons de consecratie en de communie te doen om zo verder aan Hem te blijven denken en Hem heel dicht bij ons te hebben.
Op vrijdag, Goede Vrijdag wordt Jezus gevangengenomen. Zijn vrienden laten Jezus in de steek wanneer men Hem pijn doet. Dan sterft Hij op het kruis en wordt Hij begraven.
Zijn apostelen en vrienden dachten dat alles nu voorbij was: Jezus was dood en begraven. Maar als de vrouwen naar het graf gaan, zien zij dat het graf leeg is, Jezus is niet meer daar. Een engel zegt dat Jezus verrezen is, dat zij naar Galilea moeten gaan, want daar zal Jezus weer bij hen komen.
Jezus was dood, maar na een paar dagen is Hij verrezen. Dat wil zeggen dat Hij ook na zijn dood weer bij ons komt, Hij verschijnt opnieuw aan zijn leerlingen. En ook aan ons, want wij zijn toch ook vrienden van Jezus. Ook al kunnen wij Jezus niet zien, hij is toch dicht bij ons, wij kunnen met hem praten – dat is bidden. Als we droef zijn en wij vragen dat Jezus ons zal helpen, dan voelen wij zijn steun. Jezus is niet meer dood, Hij leeft en helpt ons. Wij mogen voor altijd dicht bij Hem zijn en al het Goede dat Hij deed verder doen aan alle mensen rondom ons.

Om onderweg even over na te denken en te praten

  • Is er bij jullie al eens iemand doodgegaan waar je veel van houdt? Misschien een oma of opa? Dan is die begraven. Denken jullie soms aan hen? Is je oma dan ook verrezen? Neen niet echt, maar misschien voel jij soms nog alsof oma met je praat. Of mama en papa praten nog vaak over oma, alsof zij nog leeft.
  • Praat jij soms ook met Jezus? Als je iets stout gedaan hebt tegen je vriendje of je zus, denk je dan soms niet: “Oei, dat was niet zo fijn van mij.” En dan voel je misschien ook dat Jezus je zegt: “Ga je zus nu maar een flinke knuffel geven. En sorry zeggen.”
  • Probeer eens te zeggen wat dat voor jou betekent: “Jezus is verrezen”?

Nog een mooie tekst

“ Mama, Pasen wat is dat nu eigenlijk?”
Simon kwam met vader en moeder uit de kerk.
Ze waren samen naar de mis geweest omdat het Pasen was.
Daar werd veel gesproken over Jezus die dood en begraven was.
Maar die ook verrezen was. Hij lag niet meer in het graf.
“ We zien Jezus wel niet, maar hij is er voor ons”, zei de priester.
Moeder stopte, bekeek Simon even en zei:
“ Kom, we lopen even langs bij oma”.
Ze draaide zich om en liep naar het kerkhof, naar het graf van oma.
Oma was vorig jaar gestorven
en was op het kerkhof naast de kerk begraven.
“ Herinner jij je oma nog?”, vroeg de moeder.
“ Ja!” antwoorde Simon.
“ Zij kon zulke lekkere wafels bakken.
Ze speelde met ons en lachte altijd.
En jij en papa praten nog dikwijls over haar. Soms ween je dan.
Maar altijd als je van het kerkhof komt, ben je vrolijk
en maak je lekkere dingen die oma zo fijn kon klaarmaken. ”
“ Wel”, zei mama, “dat is Pasen! Je ziet oma niet,
maar als je droevig bent, als je met haar wil praten,
dan is zij daar voor jou.
Ze helpt mij, geeft mij raad, maakt mij vrolijk.
Dat is Pasen: Jezus zie je niet, maar Hij is niet echt dood,
want als je tot Hem bidt zal Hij altijd antwoord geven.
Hij maakt je sterk
zodat jij je goed voelt en goed doet voor je vriendjes.
Jezus is verrezen, Hij leeft.
Samen met oma en alle andere mensen,
die vriend willen zijn van Jezus en dood gingen.
In Jezus leven zij allemaal verder
en samen helpen zij ons om goed te doen in ons leven.
Dat noemen wij Pasen. ”

Gebed

Lieve Jezus,
ik ben blij dat Jij niet dood bent, maar leeft,
dat Jij altijd dicht bij mij blijft als ik verdriet heb.
Als ik stoute dingen doe tegen mama en papa en mijn vriendjes,
dan help Jij mij om alles weer goed te maken.
Dat is Pasen, heeft mama mij geleerd.
Lieve Jezus, ik ben blij dat jij Pasen bent. Amen.

Opdracht

Als we echt geloven dat Jezus lééft,
dan kunnen we ook heel gewoon met Hem spreken.
Probeer dat eens!
Stel dat jij iets fout hebt gedaan… Dan kan je Jezus zeggen:
“ Jezus, ik weet dat Jij er bent en dat Jij mij wil helpen.
Help mij asjeblieft om het weer goed te maken. ”

Pasen (voor gezinnen en kinderen)

Berichtnavigatie